bongerd groote veen
Bongerd Groote Veen
Fruitmot
(Cydia pomonella)
mot

Herkenning:
Fruitmotten behoren tot de veroorzakers van wormstekige vruchten. Kleine rupsjes doorboren de vruchten en laten uitwerpselen achter. De vruchten vallen vroegtijdig af, worden ongewoon snel “noodrijp” of gaan rotten. Dikwijls zitten de boorgaatjes in de vrucht verstopt onder een daaraan vast gesponnen blad.
De gewone fruitmot (Carpocapsa Pomonella) kun je herkennen aan de rode plek, die rondom het inboorgat ontstaat. Verder maakt de fruitmotrups brede gangen met kleffe uitwerpselen tot in het klokhuis, waar de rups de pitten aanvreet. Dit in tegenstelling met de vroege fruitmotrups, die smalle, droge gangen met witte aanslag maakt in de richting van de steel.

Fruitmotrupsen kun je verwarren met die van de zaagwespen, zuringbladwespen en bladrollers. Rupsen van appelzaagwespen en zuringbladwespen hebben echter 10 paar poten in plaats van 8 paar, en maken nooit spinseltjes op de vruchten of bladeren. Bladrollerrupsen maken ook spinsels, maar vreten uitsluitend oppervlakkig aan de vruchten.

Schade:
Vroeg in het voorjaar, aangevreten vruchten vallen voortijdig af. Of dit nuttig of schadelijk is hangt af van de dracht van de boom. Wanneer er te veel fruit aanhangt is het juist gunstig als natuurlijke dunning. De later in het jaar aangetaste vruchten worden wormstekig. Ze zijn onaantrekkelijk geworden voor de consument, en gaan rotten als ze worden bewaard. De late generatie veroorzaakt de meeste schade.

Levenswijze:
De vroege fruitmot heeft één generatie en de gewone fruitmot heeft één of twee generaties, afhankelijk van het weer. Een warme zomer, of als voor 1 augustus de 450 daggraden zijn bereikt, geeft twee generaties gewone fruitmotten. Juist die tweede generatie levert vlak voor de pluk nog vele wormstekige vruchten op. Normaliter overwinteren ze als rups in een wit spinsel onder de schorsschilfers van de boom. Bij gebrek aan ruwe stam zoeken ze ook wel een plekje op de grond. Op deze plekken verpoppen ze zich ook.

De motjes vliegen vanaf eind mei / begin juni vooral in de avond- en morgenschemering, de vroege fruitmot vliegt ook overdag in de zonneschijn. Zij leggen platte, ronde, zilverglanzende eitjes van ongeveer 1mm., ze leggen de eieren zowel op de jonge vruchten, bladeren en op scheuten. De eiafzetting (ong. 80 stuks per vrouwtje) gebeurt enkel bij avondtemperaturen boven de 15ºC. Uit een onderzoek blijkt dat niet alleen de avondtemperatuur bepalend is voor de ei-afleg, maar dat voor een sterke ei-afleg de maximale dagtemperatuur gedurende twee dagen boven de 18ºC. moet zijn.

Na 8 à 14 dagen komen hieruit lichtrose of geelwitte rupsen. De uitgekropen rupsjes vreten eerst oppervlakkig aan het blad of fruitschil om daarna het binnenste van de vrucht te zoeken om het klokhuis en omgeving uit te vreten.De uitwerpselen worden via het boorgat naar buiten gebracht. Ongeveer na een maand is de rups volgroeid, verlaat de vrucht met behulp van een spinsel en verbergt zich onder de schors, waar ze een witte cocon vormt. De fruitmot komt veel voor in het gehele land, in oude boomgaarden en nabij de kistenopslag. De rupsen, die in het geplukte fruit zitten, komen in de bewaarplaats terecht, waar ze met hun ontwikkeling doorgaan als er niet gekoeld wordt. Zo kunnen hier en in de kistenopslag plotseling fruitmotvlinders rondfladderen.

Maatregelen:
Maakt het de natuurlijke vijanden naar de zin: mezen kunnen `s winters het grootste deel van de overwinterende rupsen tussen de schorsschilfers wegpikken; vleermuizen eten vliegende motten en er zijn sluipwespen die op eieren en rupsen parasiteren. Verwijder losse schorsschilfers van ruwe stammen en breng vangbanden aan. Zorg tijdig dat de afgevallen vruchten met de rupsjes erin verwijderd of opgegeten zijn (veevoeder), voordat de rupsjes weer langs de stam omhoog kruipen.

mot
pitten
appel
rups
eitje cocon
Bestrijding en monitoring met vangbanden.
Met deze methode wordt vooral de aantasting van de fruitmot gecontroleerd. Rond de stam van de bomen worden ongeveer een 20 cm. Brede golfkartonnen stroken aangebracht met behulp van gaas en koord. Het golfkarton wordt beschermd met het gaas. De volgroeide rupsen zoeken de holten op in en onder het golfkarton om te overwinteren en te verpoppen. De vangbanden worden half juli aangebracht en begin augustus weggenomen, om ze te controleren op aanwezigheid van larven. Zijn er op dat tijdstip larven verpopt dan moet men rekening houden met een tweede generatie van de fruitmot. Een tweede controle wordt uitgevoerd in de herfst. Het aantal gevonden larven van de fruitmot geeft de mogelijkheid om het risicopotentieel van de populatie te bepalen voor het volgende jaar in de aanplant.
karton

Bestrijding:
Welke middelen er ingezet moeten worden voor de fruitmotbestrijding is sterk afhankelijk van de mate van aantasting en het resultaat van de fruitmotbestrijding van de vorige oogst. Beroepstelers maken dan ook gebruik van gewasbeschermingsspecialisten.

Om het optimale bestrijdingstijdstip te bepalen is het aan te bevelen om gebruik te maken van feromoonvallen. Vanaf het moment dat de eerste fruitmot met de feromoonval is gevangen worden de eieren gelegd. 100 daggraden daarna komen de eerste larven uit het ei. Voor een goed resultaat moet men rekening houden met de lange vluchtperiode van de fruitmot. Meerdere bespuitingen zijn vaak noodzakelijk, vooral wanneer men het vorige seizoen een ernstige aantasting heeft gehad.

hempje

De volgende middelen kunnen worden ingezet:

Dimilin spuitpoeder of vloeibaar en Insegar:
Deze middelen werken het best op de afgezette eieren. De ervaringen met Dimilin is de laatste tijd in een aantal boomgaarden onvoldoende. De fruitmot wordt in bepaalde gebieden resistent tegen dit middel. Een bespuiting met Dimilin heeft een zeer negatieve invloed op de oorwormpopulatie en daardoor stijgt de kans op luis weer.

Madex en Carpovirusine:
Dit middel, Carpovirusine van Asepta en Madex van de fabrikant Luxan, is een biologisch insecticide op basis van de werkzame stof Cydia pomonella Granulosevirus (CpGv). Het middel, die tot de groep van baculovirussen behoort, is zeer selectief en werkt alleen tegen de rupsen van de fruitmot. Carpovirusine werkt als vraatgif, dat wil zeggen het middel werkt pas na opname in de maag van de rupsen, nadat ze bespoten gewasdelen hebben gegeten. Voor een optimale werking dienen de bladeren en vruchten zo goed mogelijk met de spuitvloeistof te worden bevochtigd. Het middel werkt specifiek tegen de fruitmot en spaart daardoor nuttige insecten en mijten. Spuiten wanneer de eerste eieren uitkomen en om de twee weken spuiten met een totaal van 4 bespuitingen. Elke week spuiten met Cydia pomonella Granulosevirus , in totaal 8 bespuitingen, met een halve dosering zijn in 2002 betere resultaten mee behaald. Het middel Madex van fabrikant Luxan werkt extra goed door toevoeging van suiker.

levenscyclus
Gevoelige rassen:
appel:
  • Bramley`s Seedling.
  • Gravensteiner.
  • Schone van Boskoop.
  • Zigeunerin.
peer:
  • Pitmaston Duchess.
proppen
Brongegevens:
  • Gezond Fruit Telen.
  • Hoogstamvruchtbomen.
  • Visuele controles in de appelboomgaarden.
  • Leerboek der Fruitteelt.
  • De Boomgaard.
  • Kernobst.
  • Schadelijke en nuttige insecten.
eitjes
23.05.2011