bongerd groote veen
Bongerd Groote Veen
Boomsoort: Appelboom.
Originele naam:
Reinette van Ekenstein
Synoniemen:
  • Geen.
Herkomst:
Volgens de literatuur gewonnen op het landgoed Ekenstein door Jonkheer O.R. Alberda van Ekenstein. Kort voor 1830, te E bij Appingedam. Maar waarschijnlijk is de appel al ouder, reeds in de 18e eeuw wordt de appel in de archieven van de Menkemaborg (eigendom van de Ekensteins) genoemd. De Alberda`s van Ekenstein werkten nauw samen op het gebied van het winnen van nieuwe fruitrassen. Bij Appingedam kweekte Jonkheer O.R. Alberda van Ekenstein op kleigrond. Zijn neef te Marum experimenteerde op zandgrond. De nieuwe vondsten werden uitgewisseld en op beide gronden uitgeprobeerd. De Marumse tak had daartoe een grote boomgaard te Niebert (Molenhuis links naast ingang Padhuis) aangeplant. Helaas is deze enige jaren geleden door nieuwe kopers van het boerderijtje gerooid. De Jonkheer heeft in die tijd enthout afgestaan aan de vroegere firma H. Ottolander en Zonen te Boskoop. Door deze kweker is het ras verder verspreid.
Vrucht:
Reinette van Ekenstein vrucht Reinette van Ekenstein kelk
Reinette van Ekenstein appel
Reinette van Ekenstein steel
plukrijp: oktober.
consumptierijp: oktober tot december.
afmetingen: vrucht middelmatig groot, iets onregelmatig gevormd, veelal hoger dan breed. Aan de vruchten van jongere bomen dan de moederboom, zie afbeelding Ned.Boomgaard, vindt men geen sterke ribben.
kelkholte: brede onregelmatig gevormde kelkholte.
kelk: gemiddelde grote, gesloten tot half open, spitsbladerig, grauwbruin, een beetje wollig, in een ondiepe holte, omgeven van middelmatige ribben die zich over een gedeelte van de vrucht uitstrekken.
steelholte: nauw en ondiep bij de kortere steel, wijder en dieper bij de langere steel.
steel: matig lang, matig diep ingeplant. Soms ook langere stelen. Zelden met dunne roest bekleed.
schil: heeft wat onregelmatig verdeelde grauwe stippen.
grondkleur: groen.
dekkleur: wat levendiger van kleur met aan de zonzijde rode aderen. Helder geel met enig roest rondom de steel.
vruchtvlees: lichtzuur, later zoetachtig. zacht vlees. vast en matig van smaak.
klokhuis: normaal, vrij goed met zaden bezet.
Gevoelig voor:
Meeldauw, geringe kans op schurft (Venturia).
Oogst:
Draagt vroeg, tamelijk regelmatig en zeer goed.
Bewaren:
Tot half december.
Gebruik:
Goede handappel.
Boom:
Groeit in zijn jeugd zeer sterk en wordt groot, de eenjarige takken zijn lang, stevig, donker violetbruin, hier en daar gestipt. De bladeren zijn langwerpig ovaal en sterk stomp gezaagd.
Bloei:
Bloeit middentijds, stuifmeel vermoedelijk slecht (opmerking uit 1948).
Reinette van Ekenstein bloei
Opbrengst:
Gelijke bloeiers:
Bevruchters:
  • Groninger Kroon.
Boomvorm:
Hoogstam, geschikt voor struikvorm op diverse onderstamtypen.
Groei:
Reinette van Ekenstein groeigrafiek
N.B. de geplaatste grafiek heeft betrekking op Bongerd Groote Veen,
groei van bomen is sterk afhankelijk van plaatselijke omstandigheden!
Onderstam:
Weerstandsvermogen:
Gezonde boom.
Standplaats:
Deze soort is vooral aan te bevelen voor noordelijke streken en in zware gronden, ook geschikt op zandgrond. Het ras heeft goed voldaan in Noord - Nederland, voldeed echter in de Friese fruiteeltbedrijven beter dan in de Groningse.
Teeltwaarde:
Aanbevelingswaardige appel die fraai gekleurd is; de vruchten zijn enkele weken houdbaar.
Gelijkende vruchten:
Snoeien:
Oorzaak van verdwijnen:
Plantadvies:
In het algemeen aan te raden, mits rekening wordt gehouden met de standplaats, grondsoort en verzorging die dit ras nodig heeft.
Diversen:
Vervangt in sommige streken de Transparente de Croncels. De afbeelding in de De Nederlandsche Boomgaard (1868) deel 1, no.: 45 heeft als voorbeeld voor de tekenaar een originele tak met vruchten van de moederboom model gestaan. Komt voor op de rassenlijst voor appels in Drenthe.
Brongegevens:
  • 6e rassenlijst 1948.
  • Nederlandse Fruitsoorten. (1942)
  • De Nederlandsche Boomgaard. (1868)
  • Oude Fruitrassen in Noord-Nederland. J. Veel & J. Woltema.
Reinette van Ekenstein blad
05.09.2009